Aan de Caracasbaaiweg vind je Pasawá, een moderne variant op de bekende truk’i pan. Geen foodtruck langs de weg, maar een kleurrijk terrein met containers en street art waar je verschillende keukens bij elkaar hebt.
Ik at hier een spareribs terwijl naast me iemand wok bestelde en weer een ander BBQ. Precies het leuke van Pasawá: iedereen vindt er iets. De sfeer is ontspannen en vrolijk, met muziek op de achtergrond en tafeltjes waar mensen samenkomen.
Een mooie plek om met vrienden of familie te eten – informeel, gezellig en écht Curaçao.
Aan de oostkant van Curaçao ontdek je een heel andere kant van het eiland: de Boka’s van Santa Catharina. Hier geen witte stranden of kalm water, maar ruige natuur en de kracht van de oceaan.
Een bumpy road
We reden erheen met de auto en geloof me: het is een bumpy road. Het pad kronkelt over rotsachtig terrein en schudt je flink door elkaar, maar dat hoort ergens ook bij het avontuur. Zodra je uitstapt en de zee hoort bulderen, weet je dat het de moeite waard is geweest.
Vulkanische rotsen en wilde zee
De kustlijn hier bestaat uit vulkanische rotsen, zwart en grillig van vorm. Het contrast met het helderblauwe water is spectaculair. Bij elke Boka (inham) zie je hoe de golven met brute kracht naar binnen slaan, opspatten en soms metershoog tegen de rotsen uiteenspatten.
Een plek van rust
Toeristen zie je hier nauwelijks. Terwijl je rondloopt over de ruige ondergrond, hoor je alleen de wind, de vogels en de zee. Het voelt alsof je even helemaal weg bent van de bewoonde wereld.
Conclusie
De Boka’s van Santa Catharina laten Curaçao van zijn meest ongetemde kant zien. Een hobbelige rit, vulkanische rotsen en een zee die nooit stilstaat — dit is natuur in haar puurste vorm. Zeker een uitstapje waard als je de wilde kant van het eiland wilt ervaren.
Als je me vraagt wat het gezelligste strand van Curaçao is, hoef ik niet lang na te denken. Dit strand was zeker een favoriet van ons. De baai heeft de laatste jaren een flinke opknapbeurt gehad. Er is nu een grote parkeerplaats, een nette rotonde en zelfs wat extra schaduw dankzij nieuwe palapa’s en bomen. Het voelt meteen een stuk aangenamer en uitnodigender.
Meer sfeer dan luxe
Wie droomt van wit zand en palmbomen moet ergens anders zijn. Hier vind je koraal op het strand en een wat lastige zee-inloop. Maar wat Caracas Baai misschien mist aan luxe, maakt het dubbel en dwars goed met gezelligheid. Families vieren er verjaardagen, vrienden komen samen om te BBQ’en en kinderen spelen urenlang in het water. En ja, op drukke dagen hoor je gegarandeerd muziek uit grote boxen schallen.
Eten en drinken
Centraal staat Briso do Mar (voorheen Pop’s Place), waar je altijd goed zit voor verse vis en lokale gerechten. Helemaal bij de rotonde vind je Villa Vis, een tweede vestiging van De Visserij. Ideaal als je te laat bent voor de vroege sluiting van de keuken bij Briso.
Fort Beekenburg en Directors Bay
Loop je een stukje de heuvel op, dan sta je bij Fort Beekenburg. Dit 18e-eeuwse fort bewaakte ooit de ingang van de baai en biedt nu vooral een schitterend uitzicht over zee. Iets verder ligt Directors Bay, een rustig strand dat populair is bij snorkelaars. Met een beetje geluk zie je er zeeschildpadden.
Conclusie: waarom Caracas Baai?
Misschien is het uitzicht niet altijd perfect — de pier en de schepen geven het soms een rauw randje. Maar juist dat maakt de Caracas Baai uniek. Het voelt hier echt Curaçaos: geen poespas, gewoon gezellig samenzijn, lekker eten en volop genieten.
Op een zondagochtend (14-9) besloot ik een wandeling te maken om de Zoutpannen van Jan Thiel. Dat is een tip die ik iedereen wil meegeven: ga vroeg. Want zodra de zon hoog staat, word je compleet weggeblazen door de hitte.
De wandeling
Het pad rond de zoutpannen is afwisselend: stukken open vlakte met witte zoutkorsten en waterpartijen die dit gebied zoveel leven geven. Het water stond niet extreem laag, waardoor er veel vogels te zien waren.
Ik kwam onderweg een paar andere wandelaars tegen — onder wie ook Nederlanders — en zelfs een vrouw op een paard. Het gaf de wandeling een levendige sfeer, alsof iedereen dit rustige stukje natuur op zijn eigen manier wilde ervaren.
Natuur en vogels
De omgeving barst van de dieren. Ik spotte een Maïsparkiet en een Amerikaanse torenvalk in de cactus en even verder een Oranje Troepiaal in een cactusboom. In het water en erboven waren Amerikaanse steltkluten te zien, terwijl aan de oevers talloze Boerenzwaluwen rondvlogen. Het hoogtepunt was het zien van een groep Roze Pelikanen in het water, met de Tafelberg op de achtergrond — een beeld dat bijna surrealistisch mooi was.
Bijzondere details
Tussen de cactussen stonden ook een paar autowrakken, een vreemd contrast met de natuur. Daarnaast ontdekte ik de Cerion uva, een kleine slakkensoort die hier voorkomt. Het zijn van die kleine details die de wandeling nét iets extra’s geven.
Terugweg
Via de Cornelisbaai liep ik terug richting Willemstad, met een hoofd vol indrukken van deze bijzondere zondagochtend.
Conclusie
De zoutpannen van Jan Thiel zijn een prachtige plek om de natuur van Curaçao te ervaren: vogels, vergezichten en onverwachte details. Maar ga wel vroeg, want de zon hier kent geen genade.
Tijdens mijn verblijf op Curaçao bracht ik ook een bezoek aan Piscadera, een rustige baai net buiten Willemstad. Het is een plek waar het strand, zee en lokale verhalen samenkomen.
De Visserij
Voor de lunch stopte ik bij De Visserij, een restaurant dat vanaf 12 uur open is. Het aanbod verse vis sprak me meteen aan. Zo kozen we voor Red Snapper en een filet met garnalen — beide gerechten waren heerlijk en kwamen vers op tafel. De smaken waren eenvoudig maar puur, precies wat je verwacht bij een plek zo dicht bij de zee.
Piscadera Harbour Village
Niet ver van het restaurant ligt Piscadera Harbour Village, een kleinschalig resort met bungalows en appartementen aan de rustige baai. Toch valt op dat er rondom het resort veel leegstand is. Sommige gebouwen zijn verlaten of onafgemaakt, waardoor er een wat vreemde, bijna melancholische sfeer hangt. Het doet je beseffen hoe economische en sociale omstandigheden een plek kunnen vormen.
Een gesprek met Nico
Tijdens mijn bezoek sprak ik met Nico, een man die het resort in de gaten houdt en zijn honden voert. Hij vertelde dat hij in Afghanistan had gediend bij het leger en zich nu inzet voor de re-integratie van jongeren. Zijn verhaal gaf een menselijke laag aan het verlaten karakter van het resort — het maakt het geheel niet alleen een plek, maar ook een plek met mensen en verhalen.
Conclusie
Piscadera is een bijzondere plek: een mix van rust, mooie zeegezichten en een vleugje geschiedenis en persoonlijk verhaal. Het contrast tussen de levendige baai en de verlaten delen van het resort maakt het juist interessant om te bezoeken. Het is een plek om te proeven van het echte Curaçao: zowel het paradijselijke als het rauwe.