Een bijzonder gebouw in de buurt van Sarajevo leek mij tof om te bezoeken. Het verlaten Hotel Igman, hoog op de berg Igman boven Sarajevo, was zo’n plek. Op dag 5 van onze roadtrip door Montenegro en Bosnië stond het bovenaan mijn lijstje.
Van Sarajevo de berg op
Igman ligt zo’n dertig kilometer van het centrum van Sarajevo. Vanuit de stad ging het steeds verder omhoog, door bos en over smalle, bochtige wegen.
Een hotel voor de Olympische Winterspelen
Om te begrijpen wat je ziet, moet je even terug in de tijd. Sarajevo organiseerde in 1984 de Olympische Winterspelen, toen nog in Joegoslavië. Igman was een van de wedstrijdlocaties, onder meer voor schansspringen en langlaufen. Voor die Spelen werd in 1983 Hotel Igman gebouwd: zes verdiepingen, 162 kamers, in een stoere, brutalistische stijl. Het moest een onderkomen worden voor atleten en bezoekers.
Nog geen tien jaar later was de wereld daar totaal veranderd.
Wat de oorlog ervan overliet
Tijdens de Bosnische Oorlog en het beleg van Sarajevo (1992–1996) werd Igman een strategisch belangrijk gebied. De weg tussen de berg en de omgeving van het vliegveld stond bekend als een van de gevaarlijkste wegen van Europa. Het hotel raakte zwaar beschadigd en brandde in 1993 uit. Sindsdien is er weinig veranderd. Er zijn plannen en zelfs verkoopprocedures geweest om er weer iets mee te doen, maar het gebouw staat er nog steeds: een betonnen skelet met gaten waar ooit ramen zaten.
Aankomst bij het hotel
De laatste kilometers gaan over een weg met slecht asfalt en dat past eigenlijk wel bij de plek. Je rijdt niet naar een toeristische attractie, je rijdt naar iets wat al decennia met rust gelaten wordt.
Bij het gebouw liep nog een mevrouw rond en ze was zichtbaar blij dat ze niet de enige was. Dat zegt veel over hoe zo’n plek voelt: groot, stil en een beetje ongemakkelijk als je er alleen rondloopt.
Het meest onverwachte kwam daarna. Ik kwam een soldaat van het Nederlandse leger tegen. Hij en zijn collega’s waren hier een oefening aan het doen, in en om het gebouw. Midden in de Bosnische bergen, bij een ruïne uit de Olympische tijd, sta je dan ineens Nederlands te praten. Hij had zelfs nog tips voor waar we in onze volgende bestemming lekker konden eten. Zo’n ontmoeting had ik van tevoren niet kunnen bedenken.
Wat me vooral bijbleef, was het contrast. Dit gebouw is gebouwd voor een groot feest van sport en saamhorigheid en het herinnert nu vooral aan wat daarna kwam. Dat je er tegelijk een oefenende militair en een bezorgde wandelaar tegenkomt, maakt het een plek met meerdere lagen.
De skischansen
Vlakbij het hotel staan ook de verlaten Olympische skischansen. Die hebben we dit keer niet bezocht.
Praktische tips als je zelf wilt gaan
- Vervoer: met een auto is Igman het makkelijkst te bereiken. Reken vanuit Sarajevo op ongeveer een uur rijden, afhankelijk van het verkeer.
- Wegdek: het laatste stuk is slecht. Rijd rustig.
- Veiligheid: dit is een ruïne. Dit bezoeken wordt ook wel Urbex genoemd. Vloeren, trappen en randen kunnen onbetrouwbaar zijn, dus let goed op waar je loopt.
- Schoenen: stevige wandelschoenen zijn geen overbodige luxe.
Terug naar Sarajevo
Daarna reden we terug naar Sarajevo. Onderweg bleef ik nadenken over hoe snel dingen kunnen veranderen: van Olympisch hotel tot ruïne in nog geen tien jaar.




























