De wandeling voert je door moerassen, bossen en heidevelden, en laat je kennismaken met het rijke dierenleven en historische plekken zoals de Sint-Benedictusabdij en de ‘doodendraad’. Van de rustige natuur in Het Goor tot de uitgestrekte bossen van de Boswachterij Leende. De etappe begint in het dorpje Soerendonk. Dit is ook een punt waar je met de bus kunt komen. Hier vind je ook restaurants.
Het Goor
Langs de weg wandel je het dorp uit richting Het Goor. In ’t Goor heeft de natuur uiteindelijk gewonnen. De boerderij ’t Goor is vernoemd naar het nabijgelegen Soerendonks Goor, een moerassig natuurgebied met een grote waterplas dat aansluit op de Groote Heide. Dit gebied, tegenwoordig beheerd door Staatsbosbeheer, herbergt vele (water)vogels zoals eenden, ganzen, zwanen en reigers, die onder andere vanuit vogelkijkhut ‘How ut Moi’ te bewonderen zijn.
Boswachterij Leende: Natuur in het Hart van de Kempen
Boswachterij Leende ligt in het hart van de Kempen en beslaat zo’n 2400 hectare aan afwisselend landschap. Je vindt er naald- en loofbossen, uitgestrekte heidevelden met vennen, stuifduinen, akkers en kronkelende wandelpaden. Gebieden als het Soerendonks Goor, de Riesten en de Strijperheg zijn juist heel moerassig. Door de boswachterij stromen ook de Tongelreep en de Strijper Aa, die het landschap verder vormgeven.
Het Soerendonks Goor: Moeras en Vogelrijkdom
Het Soerendonks Goor is een natuurgebied dat bestaat uit een grote waterplas met aangrenzend moerasland, waar de Strijper Aa doorheen stroomt. Het gebied sluit aan op de Groote Heide en wordt beheerd door Staatsbosbeheer. Vanuit de vogelkijkhut heb je uitzicht op een rijk vogelleven: in de winter zie je honderden ganzen, tijdens het trekseizoen kleine en wilde zwanen, en in de zwarte elzen foerageren sijzen. Met wat geluk spot je zelfs de imposante grote zilverreiger.
Ontginning van het Goor: Een Mislukt Landbouwproject
In de jaren vijftig kocht de overheid de moerassen van Het Goor en Turfwater van de gemeente Maarheeze, met als doel het gebied droog te leggen en geschikt te maken voor landbouw. In 1957 begon de ontginning, maar door de blijvende nattigheid mislukte dit project: al in 1965 werden de natste delen weer verlaten. Sindsdien is veel van deze grond teruggegeven aan de natuur en heringericht als natuurgebied.
A-locatie Het Goor: Uniek Natuurlijk Bos
Een bijzonder deel van het Goor is de zogeheten A-locatie: een bosgebied van 50 hectare dat geldt als een van de beste voorbeelden van natuurlijke bostypen in Noord-Brabant. Hier groeien veel inheemse boomsoorten en het gebied fungeert als bron van autochtoon genetisch materiaal. Het Goor herbergt ook een grote diversiteit aan mossen—waaronder veenmossen, 83 soorten bladmossen en 23 soorten levermossen—asook bijzondere vlinders zoals de kleine ijsvogelvlinder en opvallende broedvogels zoals de blauwborst, roerdomp en kwartel.
Slachtoffers aan de Draadversperring bij de Achelse Kluis
Tijdens de Eerste Wereldoorlog vormde de beruchte ‘doodendraad’ — een met 2.000 volt geladen versperring op de grens tussen België en Nederland — een dodelijk obstakel voor vluchtelingen, smokkelaars en passeurs. In een tijd waarin de meeste mensen nog nooit met elektriciteit in aanraking waren geweest, was de stroomdraad iets nieuws en onbekends; velen begrepen niet hoe dodelijk het gevaar werkelijk was. Een van de gevaarlijkste oversteekplaatsen bevond zich bij de Achelse Kluis. In 1917 vonden hier meerdere tragische incidenten plaats. Eugenius Josephus Cox uit Zoutleeuw, een 26-jarige passeur die mensen hielp de draad over te steken, werd op 27 september neergeschoten en stierf ter plekke. Enkele maanden eerder, op 13 maart, raakte soldaat Adrian Beckmann dodelijk de draad nabij het klooster; hij werd begraven op het kerkhof van Achel. De draadversperring eiste het leven van talloze mensen — gewone burgers, idealisten en deserteurs — die vaak niet konden bevatten welk dodelijk gevaar hen letterlijk op de grens opwachtte.
Sint Benedictusabdij
De Sint-Benedictusabdij van Achel, ook wel bekend als de Achelse Kluis, is een voormalige cisterciënzerabdij die uniek gelegen is op de grens van België en Nederland, in een uitgestrekt natuurgebied met akkers, bossen en heide, aan de oevers van de Warmbeek en de Tongelreep. De abdij genoot jarenlang bekendheid vanwege het Trappistenbier ACHEL, dat sinds 1998 in de eigen brouwerij werd geproduceerd. In 2023 kwam er echter een einde aan het Trappistenlabel: de abdij werd verkocht aan een particulier, waardoor het bier sindsdien als abdijbier door het leven gaat. Tijdens een recent bezoek was er een markt op het terrein, waar allerlei producten werden verkocht. Helaas betekende dit ook dat bepaalde delen van de abdij tijdelijk gesloten waren voor bezoekers.
Watersnuffel & Lantaantje
Tijdens mijn wandeling langs het waterrijke pad viel mijn oog op twee sierlijke juffers die tussen het riet fladderden: de watersnuffel en het lantaantje. De ene helderblauw met zwarte accenten, de andere iets kleiner met een opvallend blauw puntje aan het uiteinde van zijn achterlijf – als een klein lantaarnlichtje in de zon. Ze zweefden stil boven de heide, haast gewichtloos, op zoek naar muggen of een partner.
Schapen op de Heide
Terwijl ik over de heide liep, doemde een kudde Kempische heideschapen op. Deze schapen zijn hier niet alleen voor de sfeer; ze spelen een cruciale rol in het beheer van de heide. Door het eten van jonge boompjes en gras zorgen ze ervoor dat de open structuur van de heide behouden blijft en het gebied niet dichtgroeit tot bos. Het is mooi om te zien hoe zo’n oude vorm van begrazing nog altijd samenwerkt met de natuur, waardoor zeldzame planten en dieren hier kunnen blijven bestaan.
Hengelvijver – Hengelsportvereniging Venbergen
Vlak voor Valkenswaard liggen enorme visvijvers waar je tussen door mag lopen. Ik kom hier verschillende zwanen tegen; het is er rustig en er zijn geen vissers bezig.
Valkenswaard
Deze etappe eindigt in Valkenswaard. Vanwege onbekende redenen waren er diverse bushaltes geschrapt, waardoor het extra druk was op de terugreis. Later had de buschauffeur de bus ook te vol gezet en zat te mopperen dat er mensen mee wilden. Wat logisch is, want waarom zou je anders bij de halte staan?
Conclusie
Deze etappe van het Brabants Vennenpad is een prachtige wandeling die niet alleen natuur, maar ook geschiedenis tot leven brengt. Van de rustgevende moerassen en heidevelden tot de indrukwekkende verhalen van de Eerste Wereldoorlog, de route biedt een waardevolle ervaring voor zowel natuurliefhebbers als geschiedenisliefhebbers. De afwisseling van landschap en de kans om wildlife te spotten maakt dit pad een aanrader wie de Kempen in al zijn diversiteit wil ervaren.
← Vorige etappe – Volgende etappe →
In de serie van het Brabants Vennenpad gebruik ik de etappeverdeling van Wandelnet. Zie de overzichtspagina: Brabants Vennenpad voor de andere wandelingen uit deze serie