In Wichmond start deze etappe en je wandelt door het Achterhoekse coulisselandschap. Dit is een half open landschap dat wordt afgewisseld door kleine bossen, houtwallen, struiken en weides. Midden in het bos begint deze etappe en je wandelt door tot aan Ruurlo. Omdat in Wichmond alleen met de belbus te komen is heb ik deze samengevoegd met een voorgaande etappe.
Wichmond
De etappe begint midden in het bos. Via landelijke paden kom je langs diverse boerderijen en kleine akkers. Bij een oude boerderij stond een bankje voor het huis met uitzicht over de velden, hier heb ik even rustig wat fruit gegeten. Het stuk tot aan het landgoed Hackfort wandel je over onverharde wegen.
Landgoed Hackfort
Het landgoed begon ooit als een eenvoudig woonhuis. In de loop van de tijd groeide het uit tot een compleet landgoed met kasteel, boomgaarden, weides en graanakkers. Aan de Baakse Beek staat een oude watermolen. Het is een onderslagmolen die als korenmolen is wordt gebruikt. Bij een onderslagmolen loopt het water er onderdoor. De molen dateert uit het jaar 1700. Het is een heerlijke plek om te wandelen en rond te kijken.
Eldersmaat
Aan deze laan met klinkers staan een aantal oude boerderijen die in 1880 zijn gebouwd. Zo kom je langs het rijksmonument Vogelenzang. Dit is een typische boerderij voor deze regio. Je wandelt verder richting Vorden over een stuk onverhard en daarna rustig landwegen totdat je bij een grote laan aankomt
Kasteel Vorden
Je komt aanlopen over een brede laan die naar het Kasteel loopt. Ik kwam hier nog een oud camperbusje tegen die hun avondeten aan het opeten waren. Zo wandel je de laan verder in. Hier kruis je het Pieterpad ook en hier eindigt ook het eerste boekje van dit pad. Dit op ongeveer de helft van het Pieterpad.
Kasteel Vorden werd al genoemd in de 12e eeuw. Vorden is ontstaan aan een doorwaadbare plaats in de beek. In 1540 is het kasteel verbouwd naar de huidige vorm. In de jaren 70 was het gebouw heel er verwaarloosd, dus heeft de gemeente het gekocht en er een raadszaal van gemaakt. Inmiddels de gemeente Vorden samengevoegd met Bronckhorst (inclusief de gemeenten: Hengelo Gelderland, Hummelo en Keppel, Steenderen en Zelhem) en is het verkocht aan een particuliere eigenaar.
Vanaf Kasteel Vorden is het niet ver meer naar het station van Vorden, hier rijdt Arriva met dieseltreinen.
Conclusie
Het is een afwisselende route door het Achterhoekse coulisselandschap. Je komt langs mooie oude boerderijen, een watermolen met landhuis en eindigt bij Kasteel Vorden.
De derde regio van het Trekvogelpad heb ik afgerond! In juli ’21 ben ik begonnen met deze lange afstandswandeling die ik in losse etappes loop. Zo ben begonnen in Bergen aan Zee en ben ik via Amsterdam naar Naarden gelopen, dat was de eerste provincie. In het deel daarna ben ik over de Utrechtse Heuvelrug gelopen Bij deze blog zit een een filmpje waar ik door de Veluwe tot aan de IJssel wandel.
Binnenveldse Hooilanden
Halverwege etappe 14 wandel je de grens met Gelderland over. De Binnenveldse Hooilanden zijn de Edese wetlands. Het Binnenveld is in de Late Middeleeuwen ontgonnen en ingericht, en wordt gekenmerkt door lange rechte wegen en gebruik als weidegrond. Het natuurgebied is een hooiland, waar weidevogels kunnen broeden.
Hessenroute op de Ginkelse Heide
Op de Ginkelse heide zijn nog sporen te vinden van oude karrensporen. Dit zijn sporen van oude Hessenweg. Hessenwegen zijn oorspronkelijk 17de eeuwse handelswegen die vanuit Duitsland via Ede naar Utrecht en Amersfoort liepen.
Airborne Ginkelse Heide
De slag om Arnhem begon zondagmorgen 17 september 1944 met bombardementen. Op de Ginkelse Heide lande op 18 september 1944 de 4de Britse parachute brigade. Vanuit het vliegtuig zagen de mannen de heide in brand staan, dit zorgde er niet voor er soldaten weigerden te springen. Nadien begon de opmars richting Arnhem voor Operation Market Garden. Het was voor de geallieerden en Nederland grotendeels een mislukking doordat de brug in Arnhem over de Rijn niet kon worden ingenomen.
Mosselse Zand
Vlak voor Otterlo kom je nog langs een stuifzand gebied. Aan het eind van de negentiende eeuw was bijna 80.000 hectare in Nederland stuifzand.
Nationaal Park De Hoge Veluwe
Buiten Otterlo kom je aan bij de ingang van het nationale park. Hier moet je een entreekaart kopen om verder te mogen.
Het Grote Museum
Aan de zuidkant van de Franse Berg wilde Helene Kröller-Müller een museum voor haar kunstcollectie bouwen. In 1921 werd er met de bouw begonnen. Het werk werd in 1922 vanwege de financiële problemen stilgelegd. De economische crisis van de jaren dertig sloegen toe en het project werd nooit afgerond.
Jachthuis Sint Hubertus
Het Jachthuis Sint Hubertus, het voormalige buitenverblijf van het echtpaar Kröller-Müller, is een iconisch gebouw. In 1914 besloot de familie tot de bouw van een buitenhuis. De bouw duurde van 1915 tot 1920.
Schenkenshul
De naam Schenkenshul is ontstaan door twee broers die zilver gesloten hebben uit het naburige klooster en hier dit mogelijk hier hebben hebben verstopt.
Loenense waterval
De Vrijenbergspreng is gegraven om het Apeldoorns kanaal te voorzien van water. De grote en kleine Loenense waterval zijn er om het hoogte verschil van 15 meter te overbruggen.
Apeldoorns kanaal
In 1842 heeft de koning opdracht geven om het Apeldoorns kanaal te laten graven. Er was over twee bruggen discussie wie deze zal betalen, dus heeft Koning Willem één deze bruggen zelf maar betaald. De Hallse brug wordt sinds dien ook de Koningsbrug genoemd.
Tussen Veluwemassief & IJsseldal
Na Hall wandel je over het Leusveld. Dit landgoed ligt precies op de overgang van de Veluwe naar het IJsseldal, waar zand overgaat in rivierklei. Het is vanouds een nat, venig gebied.
Bronkhorsterveer
Met de veer steek je de rivier de IJssel over, je komt dan in het volgende gebied: De Achterhoek.
Aan de rand van de Veluwe begint deze etappe en loopt door het IJsseldal naar de achterhoek. Het IJsseldal is meer een agrarisch landschap met af en toe een bos.
Route tips
Het is met 25 kilometer een van de langste etappes van het Trekvogelpad. Je kunt deze etappe natuurlijk opsplitsen. Zelf heb ik deze etappe tijdens een wandelweekend afgelegd. Ik ben in dat weekend begonnen in Hoenderloo en heb in Hall (vlak bij Eerbeek aan het Apeldoorns kanaal) overnacht en ben via Wichmond naar Vorden gewandeld.
Veerpond tijdens de wandeling
Onderweg kom je een veerpond tegen, bij hoogwater, harde wind vaart deze niet. Op hun site staat dat aangegeven. Deze veer accepteert alleen contant geld. Op 10 juli ’22 heb ik er €1 betaald.
Loenen
Deze etappe begint in het dorpje Loenen dat op de rand van de Veluwe ligt. Onderweg kom ik nog een brede beek tegen waar, in dit bos, op de lantaarnpaal hangt: Hier kun je alleen pinnen. Dat vond ik leuk om even te melden. Langs de sportvelden wandel je het dorp uit. Tot aan Eerbeek wandel je door de velden over rustige asfaltwegen.
Onderweg kruisen we het Maarten van Rossumpad, Het pad loopt van zuid naar noord. Ook dit pad wordt met rood wit aangeven maar bij de kruisingen stonden de routenamen er ook bij.
Landgoed Huis te Eerbeek
Na een stuk asfalt komen we bij het landgoed uit. Landgoed Huis te Eerbeek, dat stamt uit de middeleeuwen. Het ligt er adembenemend bij, omzoomd door oude eiken en beuken, het gebouw spiegelt zich in een grote vijver met fontein. Het huis is aangepast aan de moderne tijd en doet nu dienst als hotel.
Watermolen
Iets voorbij het landhuis staat een watermolen. Deze molen is gebouwd in 1632. Het is de enige nog werkende bovenslag watermolen van Nederland. In het verleden werd hier olie uit beukennootjes gehaald, alleen dat is verboden omdat er dan een giftige stof vrijkomt. Tegenwoordig slaat de molen alleen nog olie uit lijnzaad.
Apeldoorns kanaal
In 1824 werd er door de kanalen koning (Koning Willem de eerste) opdracht gegeven om een kanaal te graven die uiteindelijk doorloopt van Dieren naar Hattem. Het kanaal werd tussen 1829 en 1866 gegraven. Een opvallende feit is dat twee bruggen door de koning zelf zijn betaald. Er was een onenigheid tussen de gedeputeerde staten van de provincie Gelderland en de hoofdingenieurs van waterstaat. Het probleem werd voorgelegd aan de koning en de koning besloot om het benodigde bedrag uit eigen zak te betalen. De beide bruggen waaronder de Hallse brug werden aangeduid als “de Koningsbrug”. Door toenemende concurrentie en schaalvergroting wordt het kanaal niet meer gebruikt. Het laatste binnenvaartschip voer door het kanaal in 1973.
Natuurkampeerterrein Het Hallse Hull
Aan het Apeldoorns kanaal ligt een camping die door de vrijwilligers van de Nivon wordt uitgebaat. Ondanks dat ze vrijwilligers gebruiken om de camping te runnen is kost het nog €15,52 voor één nacht en ze verwachten dat je lid bent. Bij de meest eenvoudige optie raak je al drie losse kostenposten. De camping zelf was goed onderhouden en de basis voorzieningen zijn aanwezig. De Nivon zet ook de route uit, dus ik hoop dat ze het goed besteden.
Ludgeruskerk in Hall
We komen aan in het slechts 450 inwoners tellende Hall, dat valt onder de Gemeente Brummen. De hervormde Ludgeruskerk steekt boven het hele dorp uit. Dit dorp heeft een pittoresk kerkje in de laat-gotische stijl. Ik was er exact op het hele uur dus ik heb de kerkklokken ook gehoord.
Tussen Veluwemassief & IJsseldal
Na Hall wandel je over het Leusveld. Dit landgoed ligt precies op de overgang van de Veluwe naar het IJsseldal, waar zand overgaat in rivierklei. Het is vanouds een nat, venig gebied.
Landgoed Engelenburg
Vanuit het Leusveld wandel je zo door naar het volgende landgoed. Bij dit landgoed zit een golfbaan en een landhuis. Het landhuis is gebouwd op de plek waar oorspronkelijk een middeleeuws kasteel stond. Het werd in 1624 door het Spaanse leger in brand gestoken en verwoest tijdens de Inval van de Veluwe. Begin negentiende eeuw bouwde Jacob Schimmelpenninck II op de grondvesten van het kasteel een nieuw landhuis, dat hij voor de jacht gebruikte.
Brummen
Over de Eerbeekseweg (N787) wandel je het dorpje binnen, je komt er langs het treinstation. Je wandelt door het centrum en over het marktplein richting de IJssel. Met de veer ga je naar naar Bronckhorst.
Bronkhorst
Deze plaats noemt zich de kleinste stad van Nederland. Het verkreeg in 1482 stadsrechten, alhoewel het met 157 inwoners niet meer dan een gehucht is. Door een stadsbrand in 1633 zijn alle middeleeuwse huizen verwoest, maar Bronkhorst heeft enkele goed gerestaureerde stadsboerderijen. Het dorp is een levend openluchtmuseum met 38 rijksmonumenten. In December wordt er net als in Deventer een Dickens festijn georganiseerd.
Baakse Beek
Na Bronkhorst wandel je over rustige plattelandswegen. Het landschap is inmiddels veranderd in een coulissenlandschap. Dit is een halfopen landschap dat wordt gekenmerkt door een lapjesdeken van kleine onregelmatige percelen die worden afgeschermd door heggen, houtwallen of muurtjes. Onderweg zie ik dreigende wolken en krijg ik nog een klein buitje over mij heen, maar gelukkig is het al snel weer droog. Over de N314 loop je een stuk door de weilanden parallel aan de Baakse Beek. Je loopt hier letterlijk tussen de koeien door. Iets verderop zien we een klein kalfje, ik denk denk dat dit de eerste dag is uit het leven van dit kalfje.
Wichmond
Het laatste dorp van deze etappe is Wichmond. De abraham borden stonden in de tuin en verderop was het feest in het lokale café. Qua openbaar vervoer moet je hier niet zo veel van verwachten, er stop hier af en toe een belbus.
Conclusie
Het is een afwisselend landschap met stukken asfalt maar ook door kleine bossen. Het landschap veranderd wel enorm tijdens het wandelen en die afwisseling waardeer ik.
Deze etappe begin in het dorpje Hoenderloo op de Veluwe en vanaf hier wandel je door naar Loenen. Deze route loopt door het Spelderhold, het Schenkenshul en over de A50 door richting Loenen. Na de snelweg kom je nog over de Reeënberg en langs de Vrijenbergspreng kom je langs de Loenense watervallen om door de velden aan te komen in het dorpje Loenen. Voor mij was dit het eerste deel van mijn wandelweekend, in deze serie van het Trekvogelpad hou ik de etappe nummers van Wandelnet aan.
Hoenderloo
Hoenderloo oogt welvarend, met flink wat prachtige huizen. En dat terwijl het hier een armoedig gebied was tijdens de 19de eeuw. In deze tijd was Hoenderloo niet meer dan een plukje plaggenhutten met bewoners die een armzalig bestaan leidden. Tijdens een van zijn zwerftochten over de woeste Veluwe zag dominee Ottho Heldring het lot van het afgelegen dorp. Hij legde een waterput, school en kerk aan in het dorp. Vooral de fraaie witte Heldringkerk (1857) ligt er fotogeniek bij. Het is het oudste gebouw van Hoenderloo en heeft emotionele waarde voor de dorpelingen, die liefdevol spreken van ‘de kerk op de bult’.
Spelderholt
Vanuit het dorpje Hoenderloo wandel je in de richting van het Spelderholt, maar we gaan niet langs het gelijknamige kasteel. Over rechte onverharde bospaden wandel je door dit gebied. Omdat ik al om half 10 in Hoenderloo was begonnen was het er nog druk. Het weer was uitstekend, rond de 20 graden en bewolkt.
Schenkenshul
Op tachtig meter hoogte steek je hier de grote stuwwal van de oostelijke Veluwe over. De naam is ontstaan door twee broers die zilver gesloten hebben uit het naburige klooster in het bosgebied De Rimboe. Het verhaal gaat dat de gebroeders Schenk tijdens een stormachtige nacht in februari 1842 het zilver uit het klooster hebben gesloten. De Schenkjes zijn opgepakt en veroordeeld, maar het zilver is nooit gevonden. Men denkt dat het zilver in dit gebied ligt.
Onderweg kwam ik nog een groep mountain bikers tegen waarbij er ééntje in de stuiken lag. De band bleek voor de tweede keer lek te zijn en hij was druk bezig om deze te plakken. Hopen voor hem dat hij nu meer geluk heeft.
Op een afstand hoor je de stoomtreinen van de Veluwse Stoomtrein maatschappij (VSM), we komen verderop nog wel langs de spoorlijn, maar ik heb vandaag geen stoomtreinen gespot.
Reeënberg
Het gebied Reeënberg kent voor Nederlandse begrippen flinke hoogteverschillen. Vooral het midden van het gebied is heuvelachtig. Het loopt wel makkelijk weg. Het gebied wordt ook wel Klein Zwitserland genoemd. Het gebied heeft relatief jonge naaldbossen, bestaande uit grove den en lariks en heidevelden. Je bent hier op het hoogste punt van het Trekvogelpad.
Loenense waterval
De Vrijenbergspreng loopt langs het gebied de Reeënberg. Deze gegraven spreng moest het kanaal Apeldoorn-Dieren voorzien van water, om het bevaarbaar te maken. In het begin van de 19 eeuw werd alles met de hand gegraven. Wat veel mensen die niet weten is dat er een kleine- en een grote waterval is, tijdens deze wandeling kom je langs beide. In de volgende etappe steek je het kanaal over. Door de 15 meter hoogte verschil in dit gebied zijn er verschillende watervallen in de beek gemaakt. Over de N786 (Beekbergerweg) ligt de grootste waterval van Nederland. Je wordt hier verwelkomt met een grote parking met ijskraam. De paden zijn breder en er zijn veel dagjes mensen.
Sada Shiva Dham
Midden in de bossen kom je nog een indiaanse tempel tegen, deze staat hier al meer dan 30 jaar. Een guru uit India (Haidakhan Babaji) heeft deze hier gebouwd en is een belangrijke ontmoetingsplek voor deze groep gelovigen
Loenen
Na de tempel worden de wegen breder en wandel je het bos uit. Het landschap is inmiddels veranderd, je bent op de rand van de IJsselvalei. Het laatste stuk wandel je door de velden in de richting van het dorp.
Robert Etlin
Onderweg kom je nog een momument tegen. De 24-jarige Fransman Robert Etlin was als piloot ingedeeld bij de Royal Air Force en vloog met een Spitfire vliegtuig. Op de 21e maart 1945 steeg Robert Etlin op van het vliegveld Schijndel in het bevrijde deel van Nederland. Samen met een andere Spitfire voerde hij een ‘armed reconnaissance’ uit. Dat betekende dat ze elk doel mochten aanvallen dat de moeite waard leek. Robert en zijn ‘wingman’ vlogen boven Gelderland. Vanuit een bosrand bij de Vrijenbergweg In Loenen werden beide Spitfires plotseling hevig beschoten Robert zette direct de aanval in met zijn boordkanonnen. Helaas trof het luchtdoelgeschut één van zijn bommen, die ontplofte. De Spitfire stortte neer en Robert vond daarbij de dood.
Op dit monument liggen veel steentjes. Robert was een joodse soldaat. Vaak laten bezoekers, met name die van Joodse afkomst, een steentje op het graf achter, ten teken dat men er is geweest en de doden heeft herdacht. De oorsprong van dit gebruik is oud en stamt mogelijk uit de oudtestamentische tijd, toen het Joodse volk een nomadisch bestaan leidde. Mensen werden begraven op de plek waar ze stierven en de graven werden gemarkeerd met hopen stenen. Soms werd de overledene op een harde grond onder een hoop stenen begraven.
Tussen de hagen door en over een onverhard pad wandel je richting het dorpje Loenen. Aangekomen in centrum van Loenen eindigt deze etappe.
Conclusie
Het is een route waarbij je veel over onverharde bospaden wandelt. Wel zijn veel stukken rechtdoor maar ik heb dat niet als storend ervaren. Het is een interessante route door het bos. Je komt voorbij het hoogste punt van het Trekvogelpad. Door de heide en langs publiekstrekker de Loenense waterval.
Door de Betuwe loopt het Heuzesepad. Een wandeling door het mooie buitengebied van Opheusden. Je wandelt langs rivieren, door uiterwaarden en door het oeverwallenlandschap met eeuwenoude bomenteelt.
Je kunt de route beginnen bij het station van Opheusden. De aanlooproute was voor mij niet echt duidelijk, is het mij wel gelukt om het te vinden.
Het eerste stuk is door het dorp Opheusden, je wandelt hier richting de Nederrijn. Dan volgt het mooiste stuk door de uiterwaarden van de rivier. Onderweg kom je nog schapen tegen en op een afstand zie je een schoorsteen en de Grebbeberg.
Bij de Veerweg kom je langs een veerpont met restaurant en hier wandel je meer richting de de dijk om net voor de dijk door het hoge gras richting Kesteren te wandelen. Gelukkig was het droog weer, want bij nat weer door hoog gras lopen is toch iets minder.
De route vervolgt door een boomgaard en dan via de dijk weer terug in de richting van het dorp Kesteren. Je komt hier onderweg nog de molen “De Zwaluw” tegen. Via de asfaltwegen wandel je dan terug naar ophouden.
Voor het stuk door de uiterwaarden is erg mooi, de rest is veel asfalt en over een drukke dijk wandelen. Al met al is het best een leuke route, al loop ik deze wel snel door het vele asfalt.